Deze zomer ben ik twee weken werkzaam op de vakantieschool in Leeuwarden. Ik mag hier lesgeven aan een hele leuke meidengroep, die na de zomer naar groep 7 gaat. Het was alweer een tijdje terug, dat ik les had gegeven aan kinderen uit de middenbouw. Ik moet eerlijk toegeven dat ik dit best nog wel even spannend vond. Dit is namelijk mijn eerste groep sinds mijn LiO stage. Ik had er wel enorm veel zin in en keek er ook naar uit om eindelijk ook zelf mijn spellen van De Spellenboom in de praktijk te mogen gebruiken.

Ik had voor groep 3 en 4 al een serie met woordenrijtjes gemaakt om te combineren met het levend ganzenbord, waarbij kinderen zelf de pion zijn. Voor de vakantieschool heb ik nieuwe woordenlijsten gemaakt. Hiervoor heb ik de spellingcategorieën van Cito gebruikt. Ik heb de categorieën 8 tot en met 31 uitgewerkt.

Klaarzetten

Ik heb het spel als volgt ingezet. Eerst heb ik alle kaarten met afbeeldingen (de ganzenbordkaarten) op de grond gelegd. Hiertussen heb ik de woordenrijtjes gelegd. Bij de finish heb ik de gouden munten in een schatkistje opgeborgen. De munten kunnen ook gewoon in een plastic bakje bewaard worden. Ik heb de kaarten ruim uit elkaar gelegd, zodat de kinderen er makkelijk omheen kunnen zitten. De kinderen namen zelf hun eigen wisbordje en stift mee uit de klas. Ik had ze ook hun knijper met hun naam erop mee laten nemen. Van mij kregen ze nog een eigen dobbelsteen.

Spelen van het spel

Alle kinderen gingen bij een kaart staan, dit mocht geen ganzenbordkaart zijn. Ik zelf zette de timer op mijn telefoon aan. Zodra ik het startsignaal gaf, mochten de kinderen dobbelen. Alle kinderen maakten zoveel stappen, als het aantal ogen op de dobbelsteen. Hier lazen ze de vier woorden voor, die op de kaart stonden. Ze kozen de twee moeilijkste woorden uit en schreven deze op. Wanneer ze dat gedaan hadden, liepen ze naar mij toe en controleerde ik of er geen fouten in zaten.

Om niet te vergeten waar ze waren, konden de kinderen hun knijper bij de kaart leggen. In de praktijk, zag ik dat de kinderen hier geen gebruik van maakten. Ze konden immers nog wel aan de geschreven woorden zien, waar ze gebleven waren. De knijpers kwamen wel van pas. Wanneer ze bij de finish kwamen, mochten de kinderen een gouden munt pakken en weer beginnen bij start. De gouden munten bewaarden de kinderen met een knijper aan het wisbordje.

Wat de kinderen van het spel vonden

Ik had dit spel in eerste instantie bedacht voor groep 3 en 4 om woorden te lezen. Ik was bang dat de kinderen het schrijven van de woorden wellicht saai vonden, of niet moeilijk genoeg. Het tegendeel was waar. De kinderen waren enorm fanatiek en hadden onderweg ook veel nieuwe woorden geleerd. Zo kwamen sommige kinderen ook vragen om de betekenis van de woorden en hier en daar maakten enkele kinderen ook nog wel fouten, dus was het niet verkeerd om op deze manier te oefenen.

Aan het einde van het spel hebben we de moeilijke woorden nog besproken. Volgende keer zou ik de kinderen de moeilijke woorden, die ze niet kennen ook even op een ander blad willen laten opschrijven.

Tips voor het spelen

  • Print de woordenrijtjes dubbelzijdig. Wanneer het kind de kaart al twee keer heeft gelezen of vaker, dan kan het kind de woorden op de achterkant lezen.
  • Speel het spel in een grote ruimte, zoals het speellokaal, in de hal, of schuif de tafels goed aan de kant in de klas.
  • Zorg voor voldoende kaarten. Minimaal 20 woordenrijtjes, maar het liefst meer.
  • Laat bij een grote groep de kinderen in tweetallen spelen, zodat ze elkaar kunnen controleren.
  • Bij een klas die slecht tegen verliezen kan, vertel van tevoren, dat het een spel is op puur geluk met het aantal ogen op de dobbelsteen en dat het afhangt van snel, net en correct schrijven van de woorden.

Heb jij dit spel ook gespeeld met je klas? Ik zou het heel leuk vinden, om ook foto’s van jouw klas te zien. Je kunt ze plaatsen in de comments of via social media met #spellenboom.